Hiv-infectie

Hiv is een seksueel overdraagbare aandoening. Hiv is een virus dat het afweersysteem binnendringt en beschadigt. Hierdoor is het lichaam niet meer beschermd tegen verschillende infecties en ziektes. Als deze optreden, spreken we van aids .

In 1981 werd de ziekte aids voor het eerst vastgesteld. Iedereen die toen met hiv besmet raakte, kreeg aids en overleed daar binnen enkele jaren aan. Tegenwoordig is behandeling van hiv-infectie in Westerse landen goed mogelijk. Met hiv-remmers wordt het ontstaan van aids uitgesteld of soms zelfs voorkomen

Als iemand met hiv besmet is, wordt ook wel gezegd dat hij seropositief is.
Opmerking:

Enkele cijfers

Geschat wordt dat in Nederland 25.000 mensen hiv hebben. Zo’n 30 tot 40 procent van hen weet niet dat ze met hiv geïnfecteerd is. Zo bestaat het risico dat de epidemie uitbreidt.

Hiv komt wereldwijd steeds meer voor. Dagelijks worden 6000 mensen met hiv geïnfecteerd. Vaak zijn dat mensen in arme landen, zoals in Afrika. In zuidelijk Afrika is meer dan 15 procent van de mensen met hiv besmet. Er zijn voor hen vaak geen hiv-remmers beschikbaar. Geschat wordt dat er over de hele wereld 28 miljoen mensen met hiv niet behandeld worden.
Opmerking:

Besmetting

De overdracht van hiv vindt plaats via besmette lichaamsvloeistoffen, zoals bloed, sperma en vaginaal vocht. Het hiv-virus kan niet opgelopen worden via speeksel, tongzoenen, handen geven of wc-brillen. Het virus kan zich verspreiden:

  • via onbeschermd seksueel contact.
  • door een bloedtransfusie met besmet bloed.
  • door gebruik van besmette spuiten en naalden.
  • van zwangere vrouw op haar ongeboren kind.
  • via het geven van borstvoeding.
Opmerking:

Risicogroepen

Op grond van de overdracht is een aantal risicogroepen te omschrijven:

  • Mannen en vrouwen met wisselende onbeschermde seksuele contacten (zowel hetero- als homoseksueel).
  • Drugsgebruikers die spuiten en hun seksuele partners.
  • Mensen afkomstig uit een gebied waar veel hiv voorkomt.
  • Mensen die een bloedtransfusie hebben gehad met ongecontroleerde bloedproducten.
  • Kinderen van seropositieve moeders.
Opmerking:

Symptomen

Ongeveer 50 tot 70 procent van de mensen die besmet raakt met hiv, krijgt 2 tot 4 weken na de besmetting last van milde, griepachtige klachten, zoals:

  • Koorts
  • Hoofdpijn
  • Lusteloosheid
  • Keelontsteking
  • Spierpijn
  • Huiduitslag
  • Diarree
  • Vergrote lymfeklieren
Deze klachten verdwijnen weer.

De meeste seropositieve mensen hebben ook na meerdere jaren nog geen symptomen. Zij hebben geen aids, maar kunnen het virus wel doorgeven. Hoelang het duurt voordat aids ontstaat, wisselt. Soms duurt dit enkele maanden, soms jaren. Als iemand aids heeft, wordt het immuunsysteem steeds zwakker en ontstaan allerlei infecties .

Met de huidige medicijnen, hiv-remmers of antiretrovirale geneesmiddelen genoemd, wordt het krijgen van aids steeds langer uitgesteld of zelfs voorkomen.
Opmerking:

Diagnose

Een hiv-besmetting wordt vastgesteld met een bloedonderzoek. Pas 3 maanden na de mogelijke besmetting kan dit onderzoek betrouwbaar worden gedaan. Als de test eerder wordt gedaan en er worden (nog) geen hiv-antistoffen gevonden, dan kan er toch een infectie zijn.

Iemand kan bijvoorbeeld een besmetting vermoeden na het prikken aan een besmette naald in het ziekenhuis of na seks met een seropositieve partner. In zo’n geval kan iemand al voordat de bloeduitslag bekend is, in aanmerking komen voor een behandeling. Dit is de zogenaamde PEP-behandeling.
Opmerking:

PEP-behandeling

PEP staat voor post-expositie behandeling. Dit is een behandeling met hiv-remmers die binnen 72 uur na mogelijke blootstelling aan het virus moet starten. Hierdoor wordt een hiv-infectie voorkomen. Iemand wordt dan dus niet seropositief.
Opmerking:

Behandeling bij hiv-infectie

Iemand die eenmaal besmet is, blijft dat levenslang. Ook kan hij de infectie levenslang doorgeven. Hoewel een hiv-infectie dus niet genezen kan worden, wordt iemand wel behandeld met een combinatie van hiv-remmers. Ook de term HAART (Highly Active AntiRetroviral Therapy) wordt gebruikt. Deze medicijnen zorgen ervoor dat het hiv zich minder snel verspreidt en minder schade aanricht aan het immuunsysteem.

Hierdoor wordt aids uitgesteld en soms zelfs voorkomen. Als zwangere seropositieve vrouwen deze medicijnen innemen, kunnen ze voorkomen dat ze het virus doorgeven aan hun kind.

Het innemen van deze middelen is niet gemakkelijk. De medicijnen hebben verschillende bijwerkingen. Bovendien luistert de inname nauw en moet deze volgens een strak regime gebeuren. Daarom worden mensen begeleid door een gespecialiseerde verpleegkundige van de hiv-poli.
Opmerking:

Na de besmetting

Hiv-infectie is een ernstige ziekte als deze niet op tijd behandeld wordt. Als een besmetting is vastgesteld, is het belangrijk om alle seksuele partners daarover in te lichten, zodat ook zij zich kunnen laten testen. Dit kan ook (anoniem) door de GGD gedaan worden.

Daarnaast is het belangrijk om beschermde seks te hebben om het risico op doorgeven te verminderen.
Opmerking:

Preventie

Er is nog geen vaccin tegen hiv beschikbaar. De enige manier om besmetting met het virus te voorkomen, is door naalden niet te delen en door veilig te vrijen. Lees meer hierover in de tekst over hiv, aids en veilige seks.
Opmerking:

Screening bij zwangere vrouwen

Zwangere vrouwen worden standaard op hiv getest, tenzij ze daartegen bezwaar maken. De test gebeurt in de eerste 3 maanden van de zwangerschap. Mochten zij seropositief zijn, dan kan behandeling met hiv-remmers ervoor zorgen dat de kans veel kleiner wordt dat zij de infectie aan hun kind doorgeven.
Opmerking:

Meer informatie

Informatie over hiv en andere soa’s
www.soaaids.nl/nl/soas/veel-voorkomende-soas/hiv

Website van Hiv Vereniging Nederland
www.hivnet.org/

Website van Stop Aids Now!
www.stopaidsnow.nl/node/136

Informatie van het RIVM
www.rivm.nl/Documenten_en_publicaties/Professioneel_Praktisch/Richtlijnen/Infectieziekten/LCI_richtlijnen/LCI_richtlijn_Hivinfectie

Richtlijn aids van de Nederlandse Vereniging van HIV Behandelaren
www.nvhb.nl/richtlijnhiv/index.php/Richtlijn_Aids
Opmerking: